You find the English version of this text here.
Portretten
Je liefste paard,
voor altijd bij je
Eén van de meest fascinerende (en moeilijke!) dingen om te doen is portretten schilderen. Het gaat dan niet zozeer om de gelijkenis (dat is op zichzelf al bloed, zweet en tranen) maar vooral om het ‘vangen’ van een persoonlijkheid – of het nu een mens is, of een dier.
Mensen, daar twijfelt Inge een beetje bij. Maar honden of paarden? Met héél veel plezier!
1/ Het ziet er altijd anders uit dan je had gedacht
Besef alvast op voorhand dat het het creatieve proces zelf is dat uiteindelijk het portret van je paard bepaalt – samen met wat je vertelt over wie je paard is of was, en vooral: Inge’s eigen artistieke visie. Tenslotte ben je daarvoor bij haar terecht gekomen. Laat je verrassen!
2/ Digitaal, acryl, giclée
Inge werkt tegenwoordig vooral digitaal – of je nu pixels over en weer duwt of olieverf: het is gewoon een ander materiaal met andere effecten. Ook jouw paardenportret wordt digitaal gemaakt, en dan gedrukt op speciaal, zwaar papier, met pigment (dus nee, geen toner – pigment werkt zoals verf)/ Giclée heet dat. Het zou kunnen dat er ook acryl bij te pas komt, als je echte paardenharen of gras wil verwerkt zien, of je paard 3D-vleugels wil geven. Alles kan.
3/ Quanto costa?
Een portret start vanaf 600 euro. De prijs stijgt met de afmetingen; kader en verdere afwerking zijn niet inbegrepen.
De helft betaal je bij de start, de rest bij levering. Dat voorschot dekt het werk dat hoe dan ook gebeurt — het uitzoeken, de schetsen, de opbouw — en wordt niet terugbetaald als je onderweg van gedachten verandert.
4/ Hoe groot moet je portret zijn?
Weet je al waar je het gaat ophangen? Ga dan eerst meten hoe groot het mag zijn. Horizontaal of vertikaal? Let wel: het kaderformaat is altijd een beetje groter dan het werk zelf.
5/ Is er een bepaalde houding die je wil zien?
Het hele paard, of alleen een portret? Was je onder de indruk van een ander paardenportret? Was je paard heel imposant, of een knuffel? Zo’n dingen weet Inge graag, want dat bepaalt de houding waarin je paard (ongeveer) op het portret zal staan.
6/ Heb je een voorkeur voor een bepaalde kleur of setting?
Heb je een blauwe of oranje woonkamer? Donker of licht, in het gras of tegen de zon in? Eerder licht, of eerder donker? Inge doet haar best, maar ze neemt ook een beetje artistieke vrijheid.
7/ Moeten er echte manen of staartharen van jouw paard in verwerkt zijn?
Zorg dat Inge er voldoende van je krijgt, want het is altijd een zoeken naar hoe het bij dit portret het beste werkt. Niet alle haren zullen altijd verwerkt worden, niet alle haren overleven het proces.
8/ Bezorg voldoende close-up foto’s van je paard
Hoofd, benen, aftekeningen, vlekken, kleur en vorm van ogen en oren, hoe lang zijn de manen, het kleurverloop in de staart, hoe zien de neusgaten er uit, de mond, de richting waarin de haren op de kruin van je paard draaien enzovoort… Alles telt mee voor de herkenbaarheid van je paard. Ook als je paard een portret van de linkerkant zal krijgen, zijn foto’s van de rechterkant informatief. Beter te veel foto’s dan te weinig, en ja, liefst van dichtbij.
9/ Overleg
Op een bepaald moment legt Inge het werk aan je voor. Dan liggen de sfeer en de houding al vast, en gaat het enkel nog over herkenbaarheid: “de neus mag wat breder”, dat soort bijsturing. Eén, hooguit twee rondes — daarna is het af.